Na de positieve resultaten van de monotherapiestudie (251 patiënten) met IL/6R-reumamiddel ALX-0061 of vobarilizumab was het met spanning uitkijken naar de combinatiestudieresultaten. Deze studie recruteerde 345 patiënten die naast methotrexaat onderhuids hetzij placebo, hetzij één van in totaal vier regimes van vobarilizumab (elke twee of vier weken en telkens twee doseringen) ontvingen. Het primaire eindpunt was ACR20 na twaalf weken behandeling, een standaardmeetmethode in reumastudies op basis van de evolutie van het aantal pijnlijke of gezwollen gewrichen enerzijds en vijf andere, vaak subjectieve parameters anderzijds. ACR20 is positief bij een ...

Na de positieve resultaten van de monotherapiestudie (251 patiënten) met IL/6R-reumamiddel ALX-0061 of vobarilizumab was het met spanning uitkijken naar de combinatiestudieresultaten. Deze studie recruteerde 345 patiënten die naast methotrexaat onderhuids hetzij placebo, hetzij één van in totaal vier regimes van vobarilizumab (elke twee of vier weken en telkens twee doseringen) ontvingen. Het primaire eindpunt was ACR20 na twaalf weken behandeling, een standaardmeetmethode in reumastudies op basis van de evolutie van het aantal pijnlijke of gezwollen gewrichen enerzijds en vijf andere, vaak subjectieve parameters anderzijds. ACR20 is positief bij een verbetering met 20% van de eerste parameter en bij minstens drie van de vijf overige parameters. Typisch halen placebopatiënten een ACR20 tussen 45% en 50%, maar in dit geval lag dit cijfer op 62% en zelfs 74% na 24 weken behandeling. Gezien het gedeeltelijk subjectieve karakter van de ACR-score speelt hierbij mogelijk het opgelegde studieprotocol een rol, dat door de beperkte studiedata van onderhuids toegediende vobarilizumab niet toeliet dat placebopatiënten zonder een positieve ACR20 na twaalf weken overschakelden op vobarilizumab. Patiënten wisten dus dat ze bij een negatieve ACR20 uitzicht op deelname aan de tweejarige opvolgstudie verloren (94% van de patiënten nemen hieraan deel). De ACR20-cijfers van vobarilizumab zijn sterk: tot 81% na twaalf weken en tot 79% na 24 weken. Vobarilizumab presteerde wel beduidend beter op de moeilijker te behalen ACR50 (50% verbetering) en ACR70 (70%): ACR50 tot 45% (twaalf weken) en tot 59% (24 weken) tegenover 28% en 39% voor placebo, en ACR70 tot 21% (twaalf weken) en tot 43% (24 weken) tegenover 9% en 17%. Deze resultaten zijn beter dan van concurrerende producten. Hetzelfde patroon zien we bij de minder subjectieve maar klinisch cruciale DAS28-remissiescore: tot 49% (68% inclusief patiënten met nog een lage resterende ziekteactiviteit), tegenover 17% (29%) voor placebo en opnieuw beter dan de concurrentie. Ook op het vlak van veiligheid en bijwerkingen scoort vobarilizumab sterk, en minstens even goed als concurrerende producten. De hamvraag is nu wat partner AbbVie zal beslissen. Bij een positieve inlicentiëringsbeslissing neemt AbbVie alle verdere ontwikkelingskosten op zich, en wacht Ablynx een mijlpaalbetaling van 75 miljoen USD. Een beslissing wordt vóór het jaareinde verwacht. Het management gaf al aan dat, bij een negatieve beslissing door AbbVie, Ablynx zelf een fase III-studie zal opstarten, en parallel een nieuwe partner zoeken. De markt reageerde eerst positief, maar al snel sloeg de twijfel toe nadat sommigen de kansen op een positieve beslissing door AbbVie lager dan voorheen inschatten. De pijnlijke ervaring van Galapagos vorig jaar dat AbbVie zag afhaken, spookt duidelijk nog door de beleggershoofden.ConclusieDe markt schat de licentiëringskansen van vobarilizumab laag in. We verwachten aanhoudende volatiliteit in afwachting van de beslissing door AbbVie, maar bevestigen het koopadvies. De huidige marktkapitalisatie van 700 miljoen EUR verrekent immers nog nauwelijks meer dan de huidige waarde van bloedziektemiddel caplacizumab en de kaspositie (circa 40%). Blijft wel bovengemiddeld risico!Advies: koopwaardigRisico: hoogRating: 1C