20,95 USD - 1C
...

20,95 USD - 1C De langverwachte heropleving van de uraniumprijzen is er tot nog toe niet gekomen, wel integendeel. De prijs van een pond uranium voor onmiddellijke levering (spot price) daalde de voorbije weken naar amper 40 USD, tegenover nog 44 USD begin dit jaar en een gemiddelde van 42,6 USD in het eerste kwartaal. De contractprijs voor leveringen op langere termijn schommelt tussen 55 en 60 USD. Er is op korte termijn geen schaarste aan uranium omdat de Japanse uitbaters van elektriciteitscentrales op basis van kernenergie de voorbije 2 jaar hun voorraden grotendeels hebben afgebouwd na de ramp in Fukushima. Toch zijn er op termijn wel degelijk voldoende argumenten om uit te gaan van een stijging van de uraniumprijs. Een direct gevolg van de lage prijs is dat de voorbije 2 jaar heel wat uitbreidingsprojecten in de koelkast werden gestopt wegens een te laag verwacht rendement. Zo schoof BHP Billiton vorig jaar het Olympic Dam-uraniumproject in Australië op de lange baan. Eind dit jaar loopt de zogenaamde 'Megaton to Megawatt'-overeenkomst tussen Rusland en de Verenigde Staten af. Dit programma omvatte de levering van gemiddeld 24 miljoen pond goedkoop uranium per jaar afkomstig van de ontmanteling van kernkoppen. Deze operatie is nog niet ten einde, maar het staat Rusland nu wel vrij om vanaf volgend jaar te verkopen aan de hoogste bieder. Uit cijfers van de World Nuclear Association (WNA) blijkt dat momenteel 435 nucelaire reactoren operationeel zijn. In China en India zijn momenteel 28 nieuwe reactoren in aanbouw. Daarvan worden er dit jaar nog 8 operationeel. De Aziatische landen blijven, samen met Rusland en het Midden-Oosten, voluit de kaart van de nucleaire energie trekken. De enige uitzondering is uiteraard Japan. Voor de nucleaire ramp in Fukushima waren in Japan 54 kernreactoren operationeel. Sindsdien werden er voorlopig slechts 2 terug opgestart, maar specialisten zijn ervan overtuigd dat er meer zullen volgen. Het Canadese Cameco, na het staatsbedrijf Kazatomprom uit Kazachstan en het Franse Areva de derde grootste uraniumproducent ter wereld, moet als gevolg van de lage uraniumprijs op een tegenvallend jaarbegin terugblikken. De productie klom wel met 23% op jaarbasis naar 5,9 miljoen pond, maar de verkoop kwam 38% lager uit, op 5,1 miljoen pond. Dit is op zich niet zo dramatisch, want ook de voorbije jaren vonden de meeste leveringen in de tweede jaarhelft plaats. De ontvangen prijs per verkocht pond uranium daalde wel naar 48,42 USD. De verhouding tussen verkopen aan marktprijs en verkopen in het kader van termijncontracten ligt op ongeveer 60/40 bij Cameco. Een combinatie van een lagere verkoop en dalende prijzen deed de omzet met bijna 5% krimpen, tot 444 miljoen Canadese dollar (CAD). De aangepaste winst (exclusief eenmalige elementen) daalde van 121 miljoen naar amper 27 miljoen CAD. De prognoses voor 2013 bleven wel gehandhaafd. Cameco mikt nog steeds op een productie van 23,3 miljoen pond en een verkoopcijfer tussen 31 en 33 miljoen pond. Een hogere output bij McArthur River/Key Lake en Inkaï (Kazachstan) zou samen met een heropening van Cigar Lake het productiecijfer tegen 2018 op 36 miljoen pond brengen. Kernenergie is momenteel helemaal niet populair en dit heeft ook gevolgen voor de uraniumindustrie. Bij gebrek aan fysieke schaarste op korte termijn heeft de uraniumprijs een 'trigger' nodig om te bewegen. De meest voor de hand liggende is een heropening van enkele Japanse kerncentrales. In dit scenario zouden ook de uraniumgerelateerde aandelen meeprofiteren van de hogere prijs. Dankzij de lage productiekost slaagt Cameco er wel in om winstgevend te blijven en dat is bemoedigend. Aan 1,6 keer de boekwaarde en 14 keer de verwachte winst van volgend boekjaar is Cameco niet duur. Het aandeel blijft met het oog op een herstel van de uraniumprijs koopwaardig (rating 1C).Koopwaardig