De steenkoolprijs daalde in 2013 voor het derde jaar op rij. Dat was zowel het geval voor thermal coal (voor het opwekken van stroom) als voor metallurgical coal (voor de productie van staal). Het Amerikaanse Peabody, de grootste steenkoolproducent van de Verenigde Staten, produceert beide en keek bijgevolg, ondanks de hogere output, aan tegen een flinke omzetdaling. Na drie kwartalen in 2013 kwam het verkoopcijfer uit op 5,27 miljard USD, of 13% minder dan in dezelfde periode een jaar eerder. Peabody was in het derde kwartaal wel opnieuw licht winstgevend (exclusief eenmalige uitgaven), terwijl rekening werd gehouden met een klein verlies.
...

De steenkoolprijs daalde in 2013 voor het derde jaar op rij. Dat was zowel het geval voor thermal coal (voor het opwekken van stroom) als voor metallurgical coal (voor de productie van staal). Het Amerikaanse Peabody, de grootste steenkoolproducent van de Verenigde Staten, produceert beide en keek bijgevolg, ondanks de hogere output, aan tegen een flinke omzetdaling. Na drie kwartalen in 2013 kwam het verkoopcijfer uit op 5,27 miljard USD, of 13% minder dan in dezelfde periode een jaar eerder. Peabody was in het derde kwartaal wel opnieuw licht winstgevend (exclusief eenmalige uitgaven), terwijl rekening werd gehouden met een klein verlies. De gemiddelde steenkoolprijs ligt 30% onder het niveau van 2010, en zelfs 70% lager dan de piek in 2008. Dat heeft vooral te maken met het overaanbod aan steenkool en de daling van de aardgasprijzen. Recentelijk zijn die prijzen wel gestabiliseerd. Steenkool ligt vooral in de Verenigde Staten onder vuur en producenten krijgen af te rekenen met steeds strengere milieureglementeringen. De productie is al lang niet meer zo vervuilend als enkele decennia geleden, doordat de oudere fabrieken bijna allemaal gesloten zijn. Toch ligt de uitstoot van broeikasgassen bij steenkool nog steeds dubbel zo hoog als bij aardgas. De Verenigde Staten beschikken over grote hoeveelheden goedkoop aardgas, wat het voor steenkoolproducenten nog moeilijker maakt om te concurreren. Peabody bezit 28 operationele productiecentra, verspreid over de Verenigde Staten en Australië. Na de overname van Macarthur Coal beschikt de groep in Australië ook over verscheidene mijnen, waar in hoofdzaak metallurgical coal wordt geproduceerd. De timing van die overname was, achteraf gezien, niet zo gunstig en zadelde Peabody op met een schuldpositie, die intussen wel werd afgebouwd naar 5,5 miljard USD. Door de nabijheid van de Aziatische afzetmarkten kan de groep ook profiteren van lagere transportkosten. In de Verenigde Staten produceert Peabody vooral thermal coal in het Powder River Basin (Wyoming en Montana) en het Illinois Basin. Het grootste potentieel voor steenkool bevindt zich in Azië. Peabody verwacht vooral in China en India een verdere toename van de vraag. De groep wil haar aanwezigheid in Azië nog verder uitbreiden. Dat werd eind vorig jaar geconcretiseerd door een samenwerking met de Chinese Shenhua Group. Beide bedrijven richtten de Sino-Pacific Coal Trading Corp. op, waarbij Peabody steenkool zal aanleveren en Shenhua die zal verdelen over de elektriciteitscentrales van het land. De verwachting is dat het overaanbod in 2014 geleidelijk verder wordt weggewerkt. Dat is ook nodig, want tegen de huidige prijs is ongeveer 30% van de mondiale productie verlieslatend. De sluiting van de kerncentrales in Duitsland en vooral Japan leidde tot een toename van de consumptie. Steenkool zal de komende decennia een belangrijke rol blijven spelen in de wereldwijde energievoorziening. Dit jaar kondigt zich beter aan, omdat steenkool door de recente klim van de aardgasprijs weer competitiever is geworden. De beurskoers van Peabody daalde in juli naar het laagste niveau in bijna negen jaar. Na een koersdaling met 25% is het aandeel in 2014 een turnaroundkandidaat, als de steenkoolprijs herstelt. Tegen 1,1 keer de boekwaarde, 0,7 keer de omzet en 5 keer de aangepaste bedrijfskasstroom (ebitda) ligt de waardering onder het historische gemiddelde.