2,74 EUR - 2C↑
...

2,74 EUR - 2C↑Het Duitse PNE Wind, dat windenergieprojecten op land (onshore) en op zee (offshore) ontwikkelt, herbevestigde bij de presentatie van de derdekwartaalresultaten zijn doelstelling om 60 tot 72 miljoen EUR bedrijfswinst (ebit) in de periode 2011-2013 te halen. Aangezien PNE tussen begin 2011 en het derde kwartaal van 2013 cumulatief 14,5 miljoen ebit realiseerde, betekent het voor dit kwartaal een verwachte ebit van minstens 45,5 miljoen EUR. Het bedrijf uit Cuxhaven rekent erop dit jaar nog een mijlpaalbetaling van 45 miljoen EUR te ontvangen van het Deense Dong Energy, in het verlengde van de vorig jaar verkochte offshoreprojecten Gode Wind I, II en III. Die betaling hangt af van een positieve finale investeringsbeslissing door Dong Energy voor Gode Wind I en II. Het verkoopcontract heeft een totale waarde van 157 miljoen EUR, waarvan al 84 miljoen EUR werd betaald. Voor de resterende 73 miljoen EUR aan mijlpaalbetalingen is het wachten op een definitieve bouw- en exploitatievergunning van de Duitse autoriteiten voor Gode Wind III en de finale investeringsbeslissingen voor de drie projecten door Dong Energy. De definitieve bouw- en exploitatievergunning voor Gode Wind III is nog niet afgeleverd, waardoor de totale potentiële mijlpaalbetaling werd verlaagd tot 70 miljoen EUR. Eerder dit jaar kocht PNE Wind in twee stappen 82,75% van de aandelen van het Duitse windenergiebedrijf WKN AG. Gezamenlijk hebben PNE Wind en WKN een over veertien landen gespreide onshoreportefeuille van 4800 megawatt (MW). In de eerste jaarhelft kon PNE twee Duitse windparken met een gezamenlijk geïnstalleerd vermogen van 14 MW opleveren. WKN verkocht in september de rechten voor een Frans windpark met een vermogen van 12 MW. Intussen begon men in Duitsland met de bouw van fase I (15 MW) van Calau II, een project van 45 MW, en met de bouw van een project van 4 MW. In totaal bevat de portefeuille in Duitsland voor 240 MW aan projecten die in de laatste planningsfase zitten. Daarmee lijken de onshoreactiviteiten de komende kwartalen een versnelling hoger te schakelen. Sinds begin 2011 installeerden PNE en WKN samen slechts 101 MW, tegenover een jaarlijks gemiddelde van 175 MW in de periode 2006 tot 2010. Offshore breidde PNE in september zijn portefeuille fors uit dankzij de opportunistische overname van drie projecten: Atlantis I tot III van BARD Engineering Gmbh. PNE betaalde 17 miljoen EUR met daarnaast toekomstige mijlpaalbetalingen. PNE kan op die aankoop, zelfs als we een ruime korting toepassen op de contractwaarde gerealiseerd voor Gode Wind I tot III, tot 100 miljoen EUR meerwaarde realiseren. Het totale vermogen van Atlantis I tot III bedraagt 1,2 gigawatt (GW). Nemo, Jules Vernes en Nautilus I, drie andere, nog niet verkochte offshoreprojecten vervolledigen de portefeuille van 2,64 GW. Ter financiering van de overname van WKN en de offshore-investering schreef PNE dit jaar in twee schijven een obligatie uit op vijf jaar ter waarde van 100 miljoen EUR. Minder goed nieuws viel de laatste dagen te noteren in de marge van de regeringsonderhandelingen die het CDU van de Duitse bondskanselier Merkel voert met de sociaaldemocratische SPD. Duitsland zou zijn ambities aan geïnstalleerd offshorewindvermogen tegen 2020 terugschroeven van 10 naar 6,5 GW. Daarnaast suggereert de Duitse pers overheidsbesparingen voor de windenergiesector. Vooral dat laatste element zette de koers vorige week behoorlijk onder druk. Na een stijging met 125% sinds de verkoop van Gode Wind I, II en III vorig jaar, is de koers sinds begin oktober gezakt met 25%. Voor de periode 2014-2015 rekent het bedrijf, exclusief de bijdrage van WKN, nog altijd op 60 tot 72 miljoen EUR ebit. Op korte termijn zal uiteraard veel afhangen van de beslissing van Dong Energy. We maken gebruik van de recente daling om de rating te verhogen naar 'eerste positie' (rating 2C).Eerste positie