We hebben er tot na de kerstdagen moeten op wachten, maar het Duitse windenergiebedrijf PNE Wind Group is er op de valreep in geslaagd zijn portefeuille operationele windparken voor het jaareinde (gedeeltelijk) te verkopen.
...

We hebben er tot na de kerstdagen moeten op wachten, maar het Duitse windenergiebedrijf PNE Wind Group is er op de valreep in geslaagd zijn portefeuille operationele windparken voor het jaareinde (gedeeltelijk) te verkopen.In 2014 gooiden de Duitsers het roer om met betrekking tot de verkoop van onshorewindparken (op het land). In plaats van al dan niet volledig afgewerkte projecten op afzonderlijke basis te verkopen, beslisten de Duitsers een activiteit als Independent Power Producer (IPP) uit te bouwen. Het doel was tegen eind 2016 een portefeuille van windparken te bundelen met een gezamenlijke capaciteit van 150 megawatt en die in één pakket te verkopen tegen een hogere eenheidsprijs. PNE liet lang in het midden hoe de verkoop van de IPP zou gebeuren, maar koos in september voor een directe verkoop aan één of meerdere investeerders. Dat mondde finaal uit in de verkoop van 80 procent voor 103 miljoen euro aan een energie- en infrastructuurfonds van Allianz. De gezamenlijke capaciteit van de IPP bedroeg eind 2016 142,5 megawatt (waarvan 6 megawatt nog in opbouw), met daarbovenop een optie voor een bijkomend project van 10 megawatt, dat nog wacht op de finale goedkeuring. Met het behoud van 20 procent verzekert PNE zich van een regelmatige inkomstenstroom. De verkoop van de IPP was een cruciale voorwaarde om de doelstelling te kunnen halen van een cumulatieve bedrijfswinst (ebit) tussen 110 en 130 miljoen euro over de periode 2014 tot 2016. In 2014 bedroeg de ebit 2,7 miljoen euro en in 2015 9,8 miljoen euro. Na de eerste negen maanden van 2016 was er een positieve ebit van 7,2 miljoen euro. Het is nog wachten tot de tweede helft van maart op de jaarcijfers, maar de vooropgestelde winstdoelstelling wordt wellicht niet gehaald. De jongste weken was er ook eindelijk nog eens nieuws van de portefeuille offshoreprojecten (ontwikkeling van windparken op zee). Vooreerst ontving PNE een mijlpaalbetaling van 3,2 miljoen euro, dankzij de positieve investeringsbeslissing die partner Dong in 2016 nam met betrekking tot het eerder verkochte project Borkum Riffgrund II (448 megawatt). Een ander project dat in 2012 al verkocht werd aan Dong is Gode Wind III (90 megawatt). Dat project verkreeg in december de planningstoelating, het vijfde offshoreproject van PNE dat dit stadium bereikt, waarvoor PNE een onbekende mijlpaalbetaling ontvangt. Ten slotte verkocht PNE begin januari Atlantis I (584 megawatt) voor 10 à 15 miljoen euro, plus latere mijlpaalbetalingen, aan het Zweedse Vattenfall.Minder goed nieuws is dat PNE waarschuwde dat voor de vijf offshoreprojecten nog in volledige eigendom (Atlantis II en III, Nautilius I, Nemo en Jules Verne, met een gezamenlijke capaciteit van 2424 megawatt) een afwaardering dreigt als gevolg van nieuwe Duitse wetgeving (WindSeeG, van kracht sinds 1 januari 2017). De boekwaarde van de offshoreprojecten bedroeg eind september 45,8 miljoen euro. Door de gedeeltelijke verkoop van de IPP zit er voor de aandeelhouder dit jaar allicht een uitzonderlijk dividend in.ConclusieDe verhoopte koerssprong van het aandeel PNE Wind Group na de verkoop van de IPP kwam er niet. De mijlpalen in de offshoreportefeuille konden daaraan niets verhelpen. Afgezien van nieuws over het dividend zien we de komende periode weinig koerstriggers. Vandaar de adviesverlaging. Advies: houden/afwachtenRisico: gemiddeldRating: 2BMunt: euroMarkt: FrankfurtBeurskapitalisatie: 160 miljoen euroVerwachte k/w 2016: 2,2Verwachte k/w 2017: 11Koersverschil 12 maanden: -5%Koersverschil sinds jaarbegin: +11%Dividendrendement: 1,9%