Na het afbouwen van de overheidssubsidies leken de gouden jaren voor zonne-energie voorbij te zijn. Dat is echter maar schijn, want de hele subsidiecultuur was grotendeels een Europees fenomeen. De groei is het sterkst in China en Japan, die samen instaan voor de helft van de wereldwijde vraag naar stroom opgewekt door zonne-energie. China moet de schadelijke uitstoot van de steenkoolindustrie compenseren en doet dit gedeeltelijk door in te zetten op alternatieve energie. Japan trekt sinds 2011 de kaart van alternatieve energie na de kernramp in Fukushima. De Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland staan samen in voor een kwart van de totale markt.
...