Als we naar de belangrijke wereldbeurzen kijken en we maken een rangschikking over de afgelopen drie jaar op, dan is de enige conclusie dat Wall Street de fiere internationale koploper is, met voor de brede Standard & Poor's 500-index een klim van afgerond 40%. Daar kan de Eurostoxx50-index bijvoorbeeld niet tegenop. De meest gevolgde Europese beursindex moet tevreden zijn met de helft, vooral door een zwak 2012. De Japanse beurs is een apart geval met, ondanks een zwakke prestatie tot eind 2012, een stijging van 50% voor de Nikkei-index. Dat is...

Als we naar de belangrijke wereldbeurzen kijken en we maken een rangschikking over de afgelopen drie jaar op, dan is de enige conclusie dat Wall Street de fiere internationale koploper is, met voor de brede Standard & Poor's 500-index een klim van afgerond 40%. Daar kan de Eurostoxx50-index bijvoorbeeld niet tegenop. De meest gevolgde Europese beursindex moet tevreden zijn met de helft, vooral door een zwak 2012. De Japanse beurs is een apart geval met, ondanks een zwakke prestatie tot eind 2012, een stijging van 50% voor de Nikkei-index. Dat is echter de performance in yen (JPY). Als we omrekenen naar dollar (USD), moeten we ook met de helft tevreden zijn.De belangrijkste conclusie van de voorbije drie jaar is dat de aandelenmarkten van de mature landen het veel beter hebben gedaan dan die van de opkomende landen. De Chinese CSI 300-index staat in dollar 30% lager dan in juni 2011. Dezelfde verliescijfers zijn er voor de Russische RTS-index, en de Braziliaanse Bovespa-index bengelt helemaal aan het staartje met zelfs -35% in USD. Enkel de Indiase Sensex-index bleef in dollar overeind over de afgelopen 36 maanden, en dat enkel door een verschroeiende klim sinds vorig najaar (+55%).SpiegelbeeldAls we kijken naar de voorbije drie maanden, zien we stilaan een kentering. De Europese aandelenmarkten kloppen de Amerikaanse, en dat kunnen we eigenlijk ook al zeggen over de voorbije zes en zelfs negen maanden. Recenter is de vaststelling dat de beurzen van de opkomende markten beter presteren dan de westerse markten. Zoals we in de eerste maanden van dit jaar meermaals hebben aangegeven, is er geen heruitgave van de groeilandencrisis van 1997-1998 gekomen.Die trend zou zich weleens kunnen doorzetten. Als we een prognose mogen maken voor de komende drie jaar, verwachten we eerder een spiegelbeeld van de voorbije drie jaar. Groeilanden boven, met andere woorden. De gemiddelde waarderingen tegen 10 à 11 keer de winst lagen het afgelopen decennium zelden zo laag voor de groeilanden. Het verschil met de Amerikaanse waarderingen bijvoorbeeld was zelden zo groot. Ook de kansen op een outperformance waren zelden zo groot.Uiteraard ligt het risico wat hoger en zal de volatiliteit meer dan waarschijnlijk ook hoger zijn. Daarnaast achten we het goed mogelijk dat de Europese aandelenmarkten beter presteren ten opzichte van de Amerikaanse, onder meer door een soepeler monetair beleid en ook de grote achterstand in winstevolutie van de Europese tegenover de Amerikaanse ondernemingen. Vandaar dat Amerikaanse waarden ook erg ondervertegenwoordigd zijn ten opzichte van hun gewicht in de MSCI World-index in de voorbeeldportefeuille, en dat we met Vale en Cosan ook meer en meer typische waarden uit de opkomende landen willen opnemen.