In tweeënhalf jaar tijd, tussen eind 2012 en de zomer van 2015, is de Nikkei-index, de bekendste graadmeter voor de Japanse beurs, geklommen van afgerond 8000 naar 21.000 punten. Dat is een spectaculaire stijging van 160%. Weliswaar is die klim te relativeren vanuit een langetermijnperspectief. In 1989 bereikte de Nikkei-index een historische piek op 39.000 punten. Ondanks de spectaculaire stijging staan we nog altijd op minder dan de helft van het niveau van een kwarteeuw geleden. Daaruit kan men besluiten dat er nog flink wat haussepotentieel overblijft.
...

In tweeënhalf jaar tijd, tussen eind 2012 en de zomer van 2015, is de Nikkei-index, de bekendste graadmeter voor de Japanse beurs, geklommen van afgerond 8000 naar 21.000 punten. Dat is een spectaculaire stijging van 160%. Weliswaar is die klim te relativeren vanuit een langetermijnperspectief. In 1989 bereikte de Nikkei-index een historische piek op 39.000 punten. Ondanks de spectaculaire stijging staan we nog altijd op minder dan de helft van het niveau van een kwarteeuw geleden. Daaruit kan men besluiten dat er nog flink wat haussepotentieel overblijft. Over de Japanse beurs blijken de westerse analisten het het meest oneens te zijn: er zijn grote optimisten en blijvende pessimisten. Degenen die op de verdere stijging van de Japanse beurs mikken, wijzen op de verwachte groei van de bedrijfsresultaten en de verhoging van het gewicht van aandelen in de Japanse pensioenfondsen. De non-believers wijzen op de nog altijd erg slechte fundamenten van de Japanse economie en de dreigende mislukking van de zogenoemde abenomics.Positieve trendommekeerAbenomics verwijst naar het economische beleid van de Japanse eerste minister Shinzo Abe. Hij kwam eind 2012 opnieuw aan de macht met het doel het land af te helpen van chronische depressies en structurele deflatie. Daarvoor moest hij onder meer de inflatie weer naar 2% krijgen. Het deel dat de Japanse aandelenmarkt het meest vooruit heeft geholpen, is de kwantitatieve versoepeling (QE). De Bank of Japan (BOJ) deed in termen van het bruto binnenlands product (bbp) het dubbele van wat de Federal Reserve heeft gedaan. In oktober 2014 trok ze het bedrag nog op tot 80.000 miljard yen (JPY) per jaar. Bovendien leidde die enorme bazooka tot de vrije val van de JPY. Eind vorige maand verraste BOJ-voorzitter Kuroda nog met de invoering van een negatieve rente (-0,1%) op een deel van de reserves van de commerciële banken bij de centrale bank.Daarnaast bevat abenomics meer publieke uitgaven en structurele hervormingen. Een heikel punt bleek de verhoging van de consumptiebelasting (btw) van 5 naar 8%. Die heeft de Japanse economie mee in een nieuwe recessie doen belanden. Sindsdien aarzelt Abe met het verder uitrollen van hervormingen. Japan heeft de meest vergrijsde bevolking. De Japanse bevolking krimpt bovendien (prognose van 125 naar 95 miljoen inwoners tegen 2050 en 40% van de bevolking boven 65 jaar). Japan heeft ook nog de hoogste overheidsschuld: meer dan 230% ten opzichte van het bbp.Sinds midden vorig jaar is de Japanse beurs op de terugweg. Na de piek op 21.000 punten was er een terugval tot 16.000 punten in januari. We denken dat de Japanse beurs sinds eind 2012 uit een erg lange structurele berenmarkt is geklommen en zich weer in een langdurige stierenmarkt bevindt (opwaartse beurstendens). De huidige correctie lijkt ons nog niet afgelopen. De daling kan de index nog richting 14.000 punten brengen. Dan zouden we ons wel opnieuw durven te wagen aan Japanse aandelen.