Enkele maanden geleden spraken we op deze pagina (zie IB23A) nog de hoop uit dat de olieprijs nog eens zou terugvallen, op een moment dat de prijs voor een vat Brent-olie (Noordzee-olie) weer rond 50 USD per barrel (een vat van 119,24 liter) noteerde, na een duik begin dit jaar tot 30 USD. Dat was toen meer dan 70% lager dan de top van midden 2014. Tot voor kort werden onze gebeden verhoord, want een vat Brent zakte terug tot in de buurt van 40 USD. Nu zitten we daar weer boven.
...

Enkele maanden geleden spraken we op deze pagina (zie IB23A) nog de hoop uit dat de olieprijs nog eens zou terugvallen, op een moment dat de prijs voor een vat Brent-olie (Noordzee-olie) weer rond 50 USD per barrel (een vat van 119,24 liter) noteerde, na een duik begin dit jaar tot 30 USD. Dat was toen meer dan 70% lager dan de top van midden 2014. Tot voor kort werden onze gebeden verhoord, want een vat Brent zakte terug tot in de buurt van 40 USD. Nu zitten we daar weer boven.De oliecrisis van de voorbije jaren was vooral aanbodgedreven. Ze kan niet los worden gezien van de opkomst van oliewinning in de diepzee en via teerzanden, en vooral van de spectaculaire groei van schalieolie in de Verenigde Staten. Die hebben Saudi-Arabië mee van tactiek doen veranderen. De streng islamitische woestijnstaat, die een sleutelland is door zijn gigantische reserves in de OPEC, zou vroeger zijn productie hebben teruggeschroefd in geval van een overaanbod. Nu blijven de Saudi's vrolijk verder olie oppompen en roepen zo de opmars van onder mee schalieolie een brutale halt toe.Dat zien we ook in de statistieken. Het aanbod in de Verenigde Staten staat onder druk en er zouden 800.000 Amerikaanse vaten per dag gemiddeld minder worden opgepompt ten opzichte van vorig jaar. Die alternatieve methodes hebben hun kosten weliswaar al teruggeschroefd, maar ze hebben minimaal prijzen van 50 tot 60 USD per vat nodig om rendabel te produceren. Vorig jaar werd dan ook wereldwijd slechts voor 12,1 miljard barrels aan nieuwe olievelden ontdekt, het laagste cijfer sinds 1952 en amper goed voor ruim vier maanden consumptie.Maar de hele oliebusiness draait tegenwoordig om marktaandeel en dominantie, boven op het politieke aspect, met de vijandschap in het Midden-Oosten tussen Saudi-Arabië en het andere grote OPEC-land in de regio, Iran. Soennieten tegen sjiieten. We zien de olieprijs op middellange termijn weer richting 60 USD evolueren, waarbij dus weer sprake is van een ommekeer in de tendens, richting een structureel opwaartse trend. We achten de tijd dan ook aangebroken om weer meer in energiesector te beleggen. Want laat ons eerlijk zijn: de prestaties van het thema energie zijn de jongste jaren erg tegengevallen. De twee overgebleven energiewaarden zijn alternatieve keuzes, en die vallen tot nu ook al tegen. Voor Uranium Participation zijn we ons geduld verloren, omdat we geen signalen van een herstel op korte termijn zien. We geloven dan meer in het potentieel het komende jaar van de zonne-energiespeler 7C Solarparken. Teleurstellend nieuws uit Indonesië dreef de koers van Velcan verder onder de nettokaspositie, ondanks een hoopvol 2015. Daar blijven we wel in geloven.We willen daarnaast ook investeren in een olie(diensten)sector zelf. Bij de oliereuzen zijn de kandidaten Royal Dutch Shell,Total en Statoil. Daarnaast hebben we gekeken naar de betere oliedienstenspelers, zoals Aker en Schlumberger (zie Flash, p. 7) en we zullen voor die laatste een aankooplimiet leggen.