Private equity is een snel groeiende beleggingscategorie. Eind 2022 wordt er naar alle waarschijnlijkheid een kleine 6.000 miljard dollar in belegd, volgens het financiëledatabedrijf Preqin. Dat is nog maar een fractie van de marktkapitalisatie van de beursgenoteerde aandelen die volgens cijfers van de handelsgroep Sifma eind april wereldwijd 117.000 miljard dollar bedroeg. Met een verwachte groei van ongeveer 16 procent per jaar zal private equity wel ruim uitstijgen boven andere beleggingscategorieën. Volgens Sifma komt tot en met 2025 geen enkele beleggingscategorie aan een jaarlijkse groei van meer dan 5 procent.
...

Private equity is een snel groeiende beleggingscategorie. Eind 2022 wordt er naar alle waarschijnlijkheid een kleine 6.000 miljard dollar in belegd, volgens het financiëledatabedrijf Preqin. Dat is nog maar een fractie van de marktkapitalisatie van de beursgenoteerde aandelen die volgens cijfers van de handelsgroep Sifma eind april wereldwijd 117.000 miljard dollar bedroeg. Met een verwachte groei van ongeveer 16 procent per jaar zal private equity wel ruim uitstijgen boven andere beleggingscategorieën. Volgens Sifma komt tot en met 2025 geen enkele beleggingscategorie aan een jaarlijkse groei van meer dan 5 procent.Private equity komt weleens negatief in het nieuws. De kosten zouden te hoog zijn en sommige private-equity-investeerders zouden puur op kortetermijnwinsten uit zijn. De groei is echter goed te rechtvaardigen. De beleggingscategorie voegt diverse diversificatiebronnen toe aan een aandelenportefeuille. Op de beurs wordt vooral belegd in bedrijven die al langere tijd bestaan. Met private equity, afhankelijk van het soort fonds, kan in bedrijven worden belegd die in een andere levensfase zitten. Het kan gaan van interessante, potentieel disruptieve start-ups tot bedrijven die een turnaround ondergaan, bijvoorbeeld een familiebedrijf dat een opvolgingsprobleem heeft en middels private equity een nieuwe fase ingaat. Ook krijgt de belegger toegang tot andere, meestal opkomende sectoren. De sectorverdeling van een private-equityfonds is doorgaans anders dan die van de bredere beurs.Private equity heeft ook de mogelijkheid dieper bij een bedrijf binnen te kijken. Bij beursgenoteerde aandelen is de belegger aangewezen op de door regelgeving bepaalde informatieverstrekking van bedrijven. Private equity spreekt veelal direct met het management en heeft daarom veel meer inzicht in de bedrijfsvoering, doorgaans met meer bijsturingsmogelijkheden als het niet goed gaat. De belegger kan met private equity een actievere rol spelen, ook bijvoorbeeld ten aanzien van duurzaam beleggen. Bij aandelen hebben de beleggers doorgaans een passieve rol.Waarschijnlijk het belangrijkste argument is dat private equity, of het broertje venture capital of durfkapitaal dat in de opstartfase van bedrijven investeert, meer rendement oplevert. Het gemiddelde langetermijnrendement op aandelen bedraagt zo'n 7 tot 8 procent per jaar, terwijl dat van private equity tussen 10 en 14 procent per jaar ligt, volgens Preqin. Dat komt doordat een complexiteit- en liquiditeitspremie wordt verdiend.Beleggen in private bedrijven vereist veel meer van de belegger. Het bedrijf moet tot de bodem worden doorgrond en er moeten goede afspraken of convenanten worden gemaakt. Daarnaast zijn de bedrijven niet snel publiekelijk te verkopen. Het vermogen wordt vaak lange tijd geparkeerd. Voor die illiquiditeit wordt een extra rendement geëist. Familiebedrijven zijn van oudsher de grootste beleggers in private equity. De gemiddelde allocatie bedraagt 28 procent van de portefeuille, volgens Preqin. Daarna volgen staatsinvesteringsfondsen (14% naar private equity) en vermogensbeheerders (11%). Verzekeraars en pensioenfondsen beleggen respectievelijk tussen 2 en 5 procent van hun portefeuille in private equity. Doe-het-zelfbeleggers hebben wereldwijd maar een heel beperkte allocatie.Er is nog een speciale groep private-equitybeleggers, de investeringsmaatschappijen of gediversifieerde holdings. Dat zijn beursgenoteerde bedrijven die beleggen in onderliggende bedrijven, deels privaat, deels publiek. Die bedrijven beleggen van alle investeerders het meest private equity (42%). HAL Investments, genoteerd in Amsterdam, is een bekend voorbeeld. Bij ons hebben we op de eerste plaats Brederode en Sofina, maar ook onder meer Ackermans & van Haaren, Compagnie du Bois Sauvage, GBL en Gimv zijn in private equity belegd.Particulieren kunnen op twee manieren in private equity beleggen. De eerste mogelijkheid is zelf beursgenoteerde private-equitybedrijven te selecteren. Er zijn verschillende soorten, de eerder genoemde holdings (naast Brederode en Sofina bijvoorbeeld 3i, Kinnevik en Hg Investment Trust), private-equity-assetmanagers (zoals Apollo en KKR) en businessdevelopmentbedrijven (zoals Solar Capital en Ares). De uitdaging is dat die niet altijd volledig in private equity beleggen of een sectorfocus hebben. De vraag is dan wat de juiste mix is.Een andere oplossing is voor een fund of funds (FoF) te kiezen. Het voordeel is spreiding, het nadeel een extra kostenlaag. In die categorie zijn er weer twee mogelijkheden: beursgenoteerde FoF's (zoals PIP en ICG) en niet-beursgenoteerde FoF's. Van de laatste soort zijn er ook weer twee: FoF's die beleggen in beursgenoteerde private-equitymaatschappijen en FoF's die beleggen in private, niet-beursgenoteerde private-equitybeheerders. Sommige van die fondsen keren een dividend uit, andere niet. Er zijn dus veel mogelijkheden. De jongste jaren zijn er ook steeds meer aanbieders bij gekomen. Het maakt de keuze er niet makkelijker op. Bij niet-beursgenoteerde FoF's moet de belegger zich rechtstreeks inschrijven. Dat kan hij of zij zelf doen, maar dat kan ook via een vermogensbeheerder die toegang geeft tot dat soort fondsen. De vermogensbeheerder zal veelal een keuze voor bepaalde private-equityfondsen hebben gemaakt. Het voordeel van beleggen in beursgenoteerde private equity, of dat nu rechtstreeks gaat of onrechtstreeks gebeurt, is dat de belegger altijd kan in- en uitstappen. Bij rechtstreekse beleggingen in private equity, al dan niet via een FoF, zit het vermogen vaak lange tijd, meestal zo'n zeven jaar, opgesloten. Bij beursgenoteerde private equity kan de koers van een aandeel of fonds afwijken van de waardering van de onderliggende portefeuille aan private investeringen. Het gebeurt wel vaker dat beursgenoteerde private equity met een korting noteert tegenover de intrinsieke waarde, zoals momenteel Sofina. Dat is een aantrekkelijke element. Deze tekst komt uit Beleggers Belangen.