Voor de tweede keer dit jaar werden de valutamarkten door elkaar geschud, met ook zware gevolgen voor de andere financiële markten (aandelen-, obligatie- en grondstoffenmarkten). Eerst was het al erg vroeg op het jaar. Toen besliste de Zwitserse centrale bank om, totaal onverwacht, het plafond van 1,20 Zwitserse frank (CHF) voor 1 euro (EUR) los te laten. De analyse toen was dat de Zwitserse centrale bank wilde anticiperen op de beslissing van de Europese Centrale Bank om met een opkoopprogramma van (staats)obligaties te beginnen.
...

Voor de tweede keer dit jaar werden de valutamarkten door elkaar geschud, met ook zware gevolgen voor de andere financiële markten (aandelen-, obligatie- en grondstoffenmarkten). Eerst was het al erg vroeg op het jaar. Toen besliste de Zwitserse centrale bank om, totaal onverwacht, het plafond van 1,20 Zwitserse frank (CHF) voor 1 euro (EUR) los te laten. De analyse toen was dat de Zwitserse centrale bank wilde anticiperen op de beslissing van de Europese Centrale Bank om met een opkoopprogramma van (staats)obligaties te beginnen. Deze keer kwam China verrassend uit de hoek. Zij lieten de koppeling van de eigen munt, de yuan (CNY; ook wel renminbi genoemd (RMB), aan de Amerikaanse dollar (USD) los. De facto is sprake van een devaluatie van de CNY ten opzichte van de USD. De beslissing van de People's Bank of China heeft ook wel te maken met de wens van de Chinese autoriteiten om de CNY als reservemunt erkend te zien door het IMF. Dan kan de CNY meegenomen worden in de berekening van de Speciale Trekkingsrechten (STR), een beetje de 'munteenheid' van het IMF. Grootste struikelblok in dat verband was tot nog toe dat er geen vrije koersvorming was in China. Geen rentevreesMaar dat dit helemaal niks zou te maken hebben met de Chinese groeivertraging kan je natuurlijk niemand wijsmaken. De beslissing van de centrale bank is een van de vele maatregelen dezer dagen om de sputterende Chinese groeimotor weer te doen aanslaan. Maar onder meer Goldman Sachs en de vermaarde econoom Stephen Roach verwijzen duidelijk naar een anticipatie op de verwachte (eerste) renteverhoging door de Federal Reserve. Een steeds sterkere munt valt niet te rijmen met een verzwakkende economie. Waarnemers zijn er dan ook van overtuigd dat China gewoonweg het volgende land is dat zich in de internationale valutaoorlog stort. Het is ook een teken aan de wand met betrekking tot de toestand van de wereldeconomie. Ondanks de lage rentestanden haast overal in de wereld en de kwantitatieve versoepeling door vele centrale banken zou volgens de meest recente prognose van het IMF de groei van de wereldeconomie dit jaar op het laagste peil uitkomen sinds 2009. En ook de voorbije jaren raakten we nooit aan de zo begeerde en voorspelde 3% en bleven we plafonneren op 2,5%.Het betekent dat we nog niet té veel angst moeten hebben dat de rente snel zal gaan oplopen. De wereldeconomie is daarvoor niet klaar. De Amerikaanse centrale bank leek klaar om op de volgende vergadering (17/9) de eerste renteverhoging sinds 2006 te gaan doorvoeren. Maar mede door China en de turbulenties op de financiële markten is dat nu niet langer waarschijnlijk. Want er zijn ook in de VS meer en meer tekenen dat de conjunctuur verzwakt. Het betekent dat de obligatiemarkten tot nader order geen bedreiging vormen voor de aandelenmarkten. Bedrijven met een degelijk en stabiel dividendrendement zullen dus wel nog enige tijd in trek blijven. Dat ook waarden als bpost vorige week in de Chinese val werden meegesleurd, biedt uiteraard prima opportuniteiten.